Hoe Bouw Je Fictionele Werelden?





Waarom is J.R.R Tolkiens 'In de ban van de ring'-trilogie zo boeiend? Hoe zit dat met De Matrix of Harry Potter? Wat maakt dat deze volkomen andere, in leven geroepen werelden heldere, consistente regels hebben voor hoe mensen, samenlevingen -- en zelfs de natuurwetten -- werken in deze fictionele universums? Auteur Kate Messner deelt een paar van haar kneepjes met je, zodat jij ook in je eigen woorden een wereld kunt creëren die de moeite van het verkennen waard is.


Bekijk hier de hele les

In de wereld van J.R.R. is Gandalf één van de vijf tovenaars gezonden door de Valar om de inwoners van Midden-aarde te leiden in hun strijd tegen de donkere krachten van Sauron. Gandalfs lichaam was sterfelijk, aan de natuurkundige regels van Midden-aarde onderworpen, maar zijn geest was onsterfelijk: hij stierf als Gandalf de Grijze, en herrees als Gandalf de Witte.

Volgens Wachowski's script, hoeft een ontwaakt mens slechts te verbinden met de Matrix en haar binaire code te hacken om in enkele seconden helikopter te leren vliegen. Tenzij jij die Ene bent, of één van diegenen, heb je niet eens een helikopter nodig, maar slechts een coole zonnebril.

Cheshire katten kunnen jongleren met hun eigen hoofd. iPads zijn rudimentair. Geen zwerkbalwedstrijd eindigt tot de gouden snaai wordt gevangen. Het antwoord op dé vraag over het leven, het universum en alles, is vanzelfsprekend 42.

Net als in het echt, werken fictionele werelden consistent binnen een spectrum van natuurkundige en maatschappelijke regels. Dat maakt deze uitgekiende werelden geloofwaardig, begrijpelijk en het verkennen waard.

De wet van de zwaartekracht houdt zevendelige Harry Potter-reeksen op miljoenen boekenrekken ter wereld. We weten dat dat waar is, maar we weten ook dat sinds J.K. de woorden tovenaar, toverstaf en 'Wingardium Leviosa' typte, de wet van de zwaartekracht niet langer geldt op de miljarden pagina's tussen al die boekkaften.

Sciencefiction- en fantasy-auteurs bouwen echt werelden. Ze maken regels, kaarten, stambomen, talen, culturen, heelallen en alternatieve heelallen in heelallen. Uit deze werelden groeit verhaal na verhaal na verhaal. Als het goed is gedaan, kunnen lezers fictionele werelden en hun regels even goed begrijpen als hun personages. En soms even goed of zelfs beter dan de lezer de wereld buiten het boek begrijpt.

Maar hoe? Hoe kunnen menselijke krabbels op een bladzijde licht in onze ogen reflecteren dat signalen naar onze hersenen stuurt die we logisch en emotioneel decoderen als complexe verhaallijnen die ons laten vechten, huilen, zingen en denken, die sterk genoeg zijn, niet alleen om een wereld op te houden die compleet is verzonnen door de auteur maar ook om verandering te brengen in de lezers standpunt ten opzichte van de echte wereld, die pas weer begint wanneer de laatste krabbel bereikt is?

Ik weet niet of iemand het antwoord op deze vraag weet. Toch maken we elke dag fantastische, fictieve werelden in onze verbeelding, op computers, zelfs op servetten in het restaurant verderop. Meer dan je verbeelding en wil om, als het ware, in je eigen wereld te leven, en wil om, als het ware, in je eigen wereld te leven, heb je niet nodig om te beginnen een roman te schrijven.

Ik heb Zweinstein niet verzonnen, noch Stars Wars, maar ik heb een paar wetenschapsthrillers geschreven voor kinderen en jongeren. Hier zijn wat vragen en methoden die ik heb gebruikt om de werelden te helpen bouwen waarin deze verhalen plaatsvinden.

Ik begin met een bepaalde tijd en locatie. Of dat nu een fantasiewereld is, of een toekomstbeeld van de echte wereld, het is belangrijk om te weten waar je bent en of het verhaal zich in het verleden, heden, of toekomst afspeelt.

Ik gebruik graag een tijdlijn die de ontwikkeling van de wereld toont. Welke vroegere gebeurtenissen hebben het heden bepaald?

Daarna brainstorm ik over vragen die de details schetsen van mijn fictionele wereld. Welke regels gelden hier? Dat gaat over alles van de wet van de zwaartekracht (of niet), tot de maatschappelijke regels en de straffen op overtreding.

Wat voor regering heeft deze wereld? Wie is er aan de macht en wie niet? Waarin geloven mensen hier? Wat is het belangrijkst in deze samenleving?

Dan kun je gaan denken over het dagelijks leven. Wat is het klimaat in deze wereld? Waar wonen de inwoners? Waar werken ze en gaan ze naar school? Wat eten ze? Hoe spelen ze? Hoe behandelen ze hun kinderen en hun ouderen? Welke relatie hebben zij met de dieren en planten in deze wereld? Hoe zien die dieren en planten eruit? Wat is er op het gebied van technologie? Transport? Communicatie? Toegang tot informatie?

Er is zoveel om over na te denken! Dus neem de tijd om deze taken te beleven en deze vragen te beantwoorden, dan ben je goed op weg om je eigen fictieve wereld op te bouwen.

Ken je jouw wereld even goed als je je lezer hem wil laten kennen, laat dan je je personages erin los en kijk wat er gebeurt. Vraag jezelf: "Hoe vormt de door jou gemaakte wereld de personages die erin leven?" en: "Welk soort conflict zal waarschijnlijk ontstaan?"

Beantwoordt deze vragen en je hebt je verhaal. Succes toekomstige wereld-bouwer!

 

Bron: TED.com
Reactie plaatsen