Succesvolle Kinderen Opvoeden – Zonder Bemoeizucht





Door kinderen op te zadelen met hoge verwachtingen en hun leven bij iedere stap te beheersen, helpen ouders hun kinderen niet. Tenminste, zo ziet Julie Lythcott-Haims dat. Met passie en ironie pleit de voormalige decaan voor eerstejaars studenten op Stanford ervoor dat ouders ophouden het succes van hun kinderen te definiëren in termen van cijfers en testscores. In plaats daarvan, zegt ze, zouden ze zich moeten focussen op voorzien in een fundamentele waarde: onvoorwaardelijke liefde.


"Weet je, ik was niet van plan een opvoeddeskundige te worden. Ik ben zelfs niet eens zo geïnteresseerd in opvoeding, niet per se. Maar er bestaat een bepaalde opvoedstijl tegenwoordig die kinderen min of meer verpest, ze hun kansen ontneemt zichzelf te worden. Er is een bepaalde opvoedstijl tegenwoordig die dat in de weg staat.

Ik denk dat ik wil zeggen dat we vaak erg bezorgd zijn over ouders die niet voldoende betrokken zijn bij het leven van hun kinderen en hun onderwijs en hun opvoeding, en terecht. Maar aan de andere kant van het spectrum geschiedt er ook een heleboel kwaad, waar ouders denken dat een kind niet kan slagen tenzij de ouder het steeds beschermt en behoedt en overal bovenop zit, zich overal mee bemoeit en het kind in een richting stuurt van een paar hogescholen en carrières.

Als we kinderen op deze manier opvoeden, en ik kan 'we' zeggen, want bij het opvoeden van mijn twee tieners had ik deze neigingen zelf ook, dan krijgen onze kinderen een soort checklist-jeugd.

En zo'n checklist-jeugd ziet er dan zo uit. We zorgen voor veiligheid, hun droogje en hun natje, vervolgens willen we dat ze naar de juiste scholen gaan, dat ze in de juiste klassen op de juiste scholen zitten en dat ze daar dan ook nog de juiste cijfers halen. Maar niet alleen de cijfers, ook de onderscheidingen en de prijzen, en de sporten, activiteiten en het leiderschap. Onze kids zijn geen lid bij een club, ze richten er een op, dát willen scholen zien. Maatschappelijke dienstverlening: check! Laat de scholen zien dat je om anderen geeft.

(Gelach)

En dit allemaal vanuit hoop op een bepaalde perfectie. We verwachten een bepaald perfectieniveau van ze dat nooit van onszelf gevraagd is, en omdat er dus zoveel gevraagd wordt, denken we dat wij ouders wel in gesprek moeten met iedere leraar en schoolhoofd en coach en scheidsrechter, en ons gedragen als de conciërge van ons kind, zijn personal coach en secretaresse.

En bij onze kinderen, onze dierbare kinderen, besteden we veel tijd aan het porren, bepraten, sturen, helpen, kibbelen, zonodig zeuren, om er zeker van te zijn dat ze er geen zootje van maken, geen deuren sluiten, hun toekomst niet verpesten, een gehoopte toelating tot een klein handjevol hogescholen die bijna iedere aanvraag afwijzen.

En zo voelt het voor een kind, zo'n checklist-jeugd. Allereerst is er geen tijd om lekker te spelen. Er is 's middags geen tijd, want alles moet verrijkend zijn, denken we. Het is alsof ieder stukje huiswerk, iedere test, iedere activiteit de doorslag geeft in het al of niet slagen van ons idee van hun toekomst, en we ontslaan ze van het meehelpen thuis, en we ontslaan ze ervan genoeg te slapen, zolang ze hun checklist maar afvinken. We zeggen: we willen gewoon dat ze gelukkig zijn, maar als ze uit school komen, vragen we maar al te vaak als eerste naar hun huiswerk en hun cijfers. En ze zien aan ons gezicht dat onze goedkeuring, dat onze liefde, dat hun waarde wordt bepaald door hoge cijfers. En als we naast ze lopen en ze ophemelen als een hondenshowtrainer --

(Gelach)

ze verleidend om wat hoger en wat verder te springen, iedere dag opnieuw. En op de middelbare school zeggen ze niet: "Wat zou ik eens willen studeren of willen doen?" Ze gaan naar adviseurs en zeggen: "Hoe kom ik binnen bij de juiste hogeschool?" En dan, als ze cijfers krijgen op de middelbare school en ze halen een paar zevens, of zelfs een paar zessen, appen ze koortsachtig naar hun vrienden: "Kom je wel binnen bij de juiste hogeschool met zulke cijfers?"

En onze kinderen, ongeacht waar ze terecht komen na hun middelbare school, zijn buiten adem. Ze zijn breekbaar. Ze hebben al een lichte burn-out. Een beetje oud voor hun leeftijd en ze hadden gewild dat de volwassenen hadden gezegd: "Je hebt genoeg gedaan, je bent nog maar een kind, het is wel mooi zo". En ze kwijnen nu weg onder angsten en depressies en sommigen van hen vragen zich af of ooit zal blijken dat dit het allemaal waard is geweest?

Tja, wij ouders, wij ouders weten vrij zeker dat het het waard is. We gedragen ons alsof -- het is alsof we denken dat ze geen toekomst hebben als ze niet precies op die hogescholen of in die beroepen terechtkomen die we in gedachten hebben.

Of misschien zijn we gewoon bang dat we niet over ze kunnen opscheppen tegen onze vrienden en met stickers achter op onze auto's. Yes!

(Applaus)

Maar als je kijkt naar wat we hebben gedaan, als je de moed hebt hier echt naar te kijken, zul je zien dat onze kids niet alleen denken dat hun waarde afhangt van cijfers, maar dat als we altijd naast ze zitten in dat brein in ontwikkeling, continu, als in onze eigen versie van de film 'Being John Malkovich', we onze kinderen dit signaal afgeven: "Hé kind, zonder mij kun je dit allemaal niet." Dus, met te veel hulp van ons, te veel bescherming, te veel sturing en handje vasthouden, ontnemen we onze kinderen de kans om zelfredzaamheid te ontwikkelen, een hele belangrijke pijler van de menselijke psyche, veel belangrijker dan de eigenwaarde die ze krijgen als we weer applaudisseren. Zelfredzaamheid krijg je als je ziet dat je eigen acties gevolgen hebben, niet -- Dat bedoel ik.

(Applaus)

Niet de acties van je ouders namens jou, maar als je eigen acties tot gevolgen leiden. Dus simpel gezegd, als onze kids zelfredzaamheid moeten opbouwen, en dat moeten ze, dan moeten ze veel meer zelf denken, plannen, beslissen, doen, hopen, nadoen, vallen en opstaan, dromen en het leven ervaren, zelf.

Zeg ik nu dat ieder kind hard werkt en gemotiveerd is en geen betrokkenheid van een ouder nodig heeft en we ze los moeten laten? Zeker weten van niet.

(Gelach)

Dat is niet wat ik zeg. Ik zeg dat als we cijfers, onderscheidingen en prijzen zien als het doel van een jeugd, alles in de hoop op toelating tot een select aantal hogescholen of toegang tot een klein aantal carrières, dat dat een te smalle definitie van succes voor onze kids is. En ook al helpen we ze misschien aan wat kortetermijnsuccessen door ze te veel te helpen -- misschien halen ze een beter cijfer als we met huiswerk helpen, of misschien kunnen we ze aan een langer jeugd-CV helpen -- ik zeg dat dit allemaal langetermijnverlies betekent voor hun zelfbesef. Ik zeg dat we minder bezorgd moeten zijn over de specifieke hogescholen waar ze misschien naar toe zouden kunnen en veel bezorgder dat ze de gewoontes, de mentaliteit, de vaardigheden en het zelfvertrouwen hebben om overal succesvol te kunnen zijn. Wat ik zeg is dat wij minder geobsedeerd moeten zijn door cijfers en veel meer geïnteresseerd in een jeugd die een basis biedt voor hun succes, gebaseerd op dingen als liefde en huishoudelijke taken.

(Gelach)

(Applaus)

Zei ik huishoudelijke taken? Zei ik dat? Ja, dat zei ik. Serieus. Ik zal je vertellen waarom. Het langste longitudinale onderzoek onder mensen ooit heet de Harvard Grant Study. Hieruit bleek dat professioneel succes, dat wat we voor onze kinderen willen, afhankelijk is van het feit of je als kind klusjes hebt gedaan en hoe eerder je bent gestart hoe beter; dat een mentaliteit van rol-je-mouwen-op-en-pak-aan, een mentaliteit die zegt dit is een vervelende klus, iemand moet het doen, waarom ik niet, een mentaliteit die zegt ik zal mijn steentje bijdragen aan het algemeen belang, dat juist dát je vooruit helpt op je werkplek. Nu weten we dit allemaal. Jullie weten 't.

(Applaus)

We weten dit allemaal, en toch, in de checklistjeugd, stellen we onze kinderen thuis vrij van huishoudelijke klusjes en dan worden het later op het werk jonge volwassenen die wachten op een checklist, maar die is daar niet, en nog belangrijker, ze hebben de impuls niet om de mouwen op te rollen, aan te pakken en zich af te vragen: hoe kan ik van nut zijn voor mijn collega's? Hoe kan ik anticiperen op wat mijn baas nodig heeft?

Een tweede belangrijke uitkomst van de Harvard Grant Study luidde dat geluk in het leven door liefde komt, niet liefde voor je werk, liefde van mensen: onze echtgenoot, partner, vrienden, familie. Dus een kind moet in zijn jeugd leren hoe lief te hebben en je kan niet van anderen houden als je niet van jezelf houdt en ze zullen niet van zichzelf houden als we ze niet onvoorwaardelijk onze liefde geven.

(Applaus)

Juist. Dus, in plaats van geobsedeerd te zijn door cijfers als ons dierbare nageslacht thuiskomt uit school of wij thuiskomen van het werk, moeten we onze telefoons wegleggen en ze aankijken en ze laten zien hoe we stralen van geluk als we ons kind sinds een paar uur voor het eerst weer zien. En dan moeten we zeggen: "Hoe was je dag? Wat vond je leuk aan vandaag?" En als je tienerdochter "de lunch" zegt, zoals de mijne, en ik over de wiskundetoets wil horen, niet over de lunch, moet je toch belangstelling tonen voor de lunch. Je moet zeggen, "Wat was zo leuk aan de lunch vandaag?" Ze moeten beseffen dat ze ertoe doen als mensen, niet vanwege hun gemiddelde eindcijfer.

Oké, dus nu denk je, klusjes en liefde, dat klinkt allemaal goed, maar alsjeblieft zeg. De scholen willen topscores en topcijfers en onderscheidingen, prijzen, en ik zeg je -- zoiets. De bekendste scholen vragen dat van onze jeugd, maar hier het goede nieuws: in tegenstelling tot wat alle ophef over de scholenranglijst ons wil doen geloven --

(Applaus)

hoef je niet naar één van de bekendste scholen om gelukkig en succesvol in het leven te zijn. Gelukkige en succesvolle mensen gingen naar een overheidsschool, naar een onbekende hogeschool, naar een lokale hogeschool, naar een hogeschool in de buurt waar ze zijn weggestuurd.

(Applaus)

Het bewijs is in deze ruimte en in onze gemeenschappen dat dit de waarheid is. En als we onze oogkleppen afdeden en zouden willen kijken naar een paar meer scholen, misschien onze eigen ego's geen rol zouden laten spelen, zouden we deze waarheid kunnen accepteren en omarmen en beseffen dat het niet het einde van de wereld is als onze kids niet naar zo'n eliteschool gaan. En belangrijker, als hun jeugd niet beheerst is door een tirannieke checklist dan zijn ze, als ze naar die hogeschool gaan, welke dat dan ook is, dan zijn ze daar heengegaan uit eigen vrije keuze, gedreven door hun eigen wens, in staat en klaar om daar tot bloei te komen.

Ik moet jullie iets toegeven. Zoals ik zei heb ik twee kinderen, Sawyer en Avery. Het zijn tieners. En ooit behandelde ik mijn Sawyer en Avery, denk ik, als kleine bonsaiboompjes --

(Gelach)

die ik zorgvuldig zou leiden en snoeien en zou vormen tot een soort perfect mens, misschien wel perfect genoeg om toegelaten te worden tot een van de meest selecte hogescholen. Maar nadat ik met duizenden andere kinderen had gewerkt

(Gelach)

en mijn eigen twee kinderen had opgevoed, besefte ik dat kinderen geen bonsaibomen zijn. Het zijn wilde bloemen en van een onbekend geslacht en soort,

(Gelach)

en mijn taak is een voedende omgeving bieden, ze sterker te maken door klusjes, van ze te houden zodat ze liefde kunnen geven en ontvangen en de hogeschool, het hoofdvak, de carrière, dat is aan hen. Mijn taak is niet ze te maken tot wat ik graag zou zien, maar ze te steunen in het worden van hun prachtige zelf.

Dank je."

(Applaus)

 

Bron: TED.com
Reactie plaatsen